Ga naar inhoud

Vogue

Vogue ontstond in de ballroomcultuur van New York, gecreëerd door zwarte en latino lhbtiq+-gemeenschappen, waar dansers het tegen elkaar opnamen op evenementen die balls heetten. De scherpe poses en lijnen zijn geïnspireerd op de foto's in modebladen, en de dans is naar een van die bladen vernoemd. Studio's geven het in groepen en verdelen het vaak in stijlen: old way, new way en vogue femme.

  • Zelfvertrouwen en uitstraling: bij vogue draait alles om attitude en performance.
  • Zuivere lijnen en armcontrole — handen en armen vertellen een groot deel van het verhaal.
  • Lenigheid, kracht in de core en controle voor spins, dips en vloerwerk.
  • Cardio en uithoudingsvermogen in de snellere stijlen.
  • Een dans leren kennen met een sterke geschiedenis en gemeenschap — docenten vertellen vaak over de ballroomcultuur erachter.
  • Kniebeschermers: onmisbaar voor de duckwalk en het vloerwerk.
  • Schoenen: sneakers of blote voeten, afhankelijk van de les. Sommige lessen vogue femme worden op hakken gedanst.
  • Kleding: comfortabele, aansluitende kleding die de lijnen van het lichaam laat zien.
  • Water en een handdoek.
  • Meestal 60–90 minuten.
  • Een warming-up met stretchen en krachtwerk voor benen en core.
  • Handen en armen: hand performance en armcontrole.
  • De elementen van vogue femme: de catwalk, de duckwalk (laag bewegen, op de bal van de voeten), spins en dips, en floor performance. Lessen old way richten zich op poses en symmetrie; new way op lijnen, lenigheid en clicks.
  • De dip — een val naar de vloer op je rug met één been eronder gebogen — leer je langzaam, na voorbereiding. Die hoort niet in een eerste les.
  • Veel lessen eindigen met walks of een kleine battle, in de geest van de balls.
  • Iedereen die wil optreden en zich zelfverzekerd in zijn lichaam wil voelen.
  • Mensen die houden van mode, podiumpresentatie en een sterk karakter.
  • Dansers die betere armen, lijnen en attitude willen — bijvoorbeeld vanuit High heels.
  • Beginners, in een beginnersgroep: je begint met walks en handen.
  • Minder geschikt voor wie knie-, rug- of nekklachten heeft: de duckwalk en de dips belasten die zwaar. Vraag het aan je arts, vertel het de docent en bouw langzaam op naar dips.